Boekenmarkt

Steeds vaker maakt de zondagse dienst plaats voor ongecompliceerd woongenot, maar het beste kun je er nog boekenmarkten in houden. De kerk van nu is de kerk van vroeger niet meer. Ook de Stevenskerk in Nijmegen liet zich kortgeleden van een andere kant zien. Dat dit huis van God nog wel z'n deuren opent voor het gelovige publiek, maakt het alleen maar mooier. Een boekenmarkt op heilige grond – ik had er nog nooit van gehoord.
Je verwacht het ook niet. Liedboeken en bijbels, logisch, maar een verzameling sprookjes, korte verhalen van Roald Dahl, een naslagwerk over spannende spelletjes en andere ongebruikelijke boeken, zoals dat van Martin van Amerongen over het recht op een hedonistisch bestaan? Een beetje vreemd was het wel. De eeuwige, indringende blik van heiligen stelt je niet op je gemak. En de vloer draagt denk ik veel liever iets anders dan de duizenden pagina's met woorden en afbeeldingen die niet thuishoren in een gebouw met zo'n beladen achtergrond.
Bij binnenkomst herinnerde ik mij enkele voorvallen uit mijn jeugd. Ik zag mijn oma de klokken luiden. Soms liet ze ons het radarwerk in beweging helpen, waarbij we vergaten de touwen op tijd los te laten en onze kleine lichaampjes een meter mee de lucht in werden getrokken. Leuker was het verzamelen van de liturgieën na afloop van een dienst en deze van het balkon naar beneden laten dwarrelen.
Ik zie er nu de kinderlijke ondeugd in terug, hoewel mijn oma er destijds niet om kon lachen. Misschien kon God dat wel en heeft hij ons terstond vergeven. Daar dacht ik aan, half luisterend naar het geprevel van het orgel op de achtergrond, in een poging van de organist om het hele gebeuren te rechtvaardigen door er een religieuze draai aan te geven. Met gepaste stilte schreed de boekenliefhebber langs de tientallen kraampjes. Ik bedwong de drang om vanaf de kansel een gedicht voor te dragen. Die kinderlijke ondeugd zit blijkbaar nog steeds in mij. Had ik het maar gedaan.
De muziek galmde langs de pilaren, gleed onder de banken door en verdween uiteindelijk in het absorberende papier. We namen enkele boeken mee naar voren, waar ik contant betaalde. Even eerder hoorde ik het ratelen van het pinapparaat en dat is het laatste wat ik die avond had willen horen. Zoiets hoort niet in een kerk.

1 juli 2008 · Categorie: blog